Geschiedenis
Arpanet werd een groot succes en alle universiteiten in Amerika wensten ook een aansluiting.
Er ontstonden toen twee netwerken: Milnet, voor militaire doeleinden, en Arpanet, voor niet militaire
doeleinden. Deze twee netwerken bleven echter met elkaar verbonden door gebruik te maken van
het Internet Protocol.(IP). Dit protocol zorgt er tevens voor dat verschillende soorten computers
met elkaar kunnen "praten", en dus berichten kunnen uitwisselen. Destijds (en nu nog) heel uniek,
omdat elke computer gelijkwaardig wordt behandeld.
De twee netwerken waren zo'n succes dat de wetenschap in de vorm van de National Science Foundation
(NSF) een nieuw netwerk aanlegde: Nsfnet. Dit was destijds te vergelijken met Surfnet in
Nederland nu, dus alleen bestemd voor educatief en wetenschappelijk verkeer.
Nsfnet was technisch en beleidsmatig beter dan Arpanet, hierdoor werden de activiteiten van
Arpanet stilgelegd. Pas later kwamen de zg. "com-sites", de commerciële netwerken.
In de jaren '80 was het "not-done" om Internet commercieel te gebruiken. De oorzaak hiervan was
dat in die tijd het net voornamelijk gebruikt werd door militairen, wetenschappers en UNIX-deskundigen,
die een eigen gedragscode hadden ontwikkeld, de Nettiquette, met als doel de schaarse middelen zo
effectief mogelijk te gebruiken.
De oorsprong van het huidige Internet is er dus oorzaak van dat veel gebruikers tot voor kort uit de
overheids- en academische sfeer kwamen en de toepassingen wetenschappelijk van aard waren.
Nog niet zo lang geleden was commercie taboe op Internet, maar dit is snel aan het veranderen.
Vooral de jonge generatie gebruikers heeft hier geen problemen mee, en de mogelijkheden die
Internet voor het bedrijfsleven biedt zijn te legio om te negeren. Mede door de komst
van het bedrijfsleven kunnen de kosten voor particuliere internetgebruikers sterk dalen.
Op dit moment gebeurd dat al. Grote internet aanbieders stunten met dumpprijzen om zoveel
mogelijk klanten te werven. Momenteel worden er miljoenen geinvesteerd om de `markt' te verovereren.
Of die `markt' ooit geld op zal leveren is maar de vraag.
Velen denken, dat als er betaald moet worden voor informatie dat dit de dood in de pot is.
Zo is Sportnet recentelijk o.a. geflopt omdat `de consument' kennelijk niet bereid was
om (slechts) twee gulden per maand te betalen voor `strategische informatie'.
Ga voor uzelf maar eens na waar u voor zou willen betalen, met zoveel alternatieven.
In Nederland wordt in de meeste gevallen de (koperen) telefoonlijn (digitaal zandpad)
gebruikt om contact te maken met een hostcomputer die constant met het internet
is verbonden. Deze host is in de meeste gevallen direct of indirect met een snelle
huurlijn, ISDN, of glasvezelkabel verbonden met z.g. top-level providers. (hoofdaanbieders)
Er zijn verschillende top-level providers waaronder NLnet, Unisource, Britisch Telecom, Sprint en Surfnet.
Op dit moment is er nog het nadeel dat het verkeer tussen verschillende Nederlandse
providers soms internationaal gerouted wordt. Als provider X via NLnet
is aangesloten, en provider Y via British Telecom, dan zal het verkeer tussen X en
Y via Engeland lopen, wat de efficiency en de IP kosten niet ten goede komt.
Glasvezelkabel van een paar millimeter dikte is in staat om 150.000 telefoongesprekken (spraak) tegelijkertijd te transporteren. Op dit moment worden in Nederland veel nieuwe glasvezelkabels aangelegd om te komen tot een echte digitale snelweg, om aan de vraag naar snelheid te kunnen voldoen. Nieuwe toepassingen als CUSeeMe, Video Conferencing, Real Audio etc. vergen een enorme 'bandbreedte' die een 'gewone' telefoonlijn niet kan leveren. Een koperen telefoonlijn kan met de huidige techniek maximaal ongeveer 64 kb aan data verwerken. Dit kan met een V.34 modem (28k8 bit/s).
Om deze reden wordt het Internetaanbieden voor kabelmaatschappijen interessant. Meer dan
90% van de Nederlandse huishoudens is aangesloten op de (tv) kabel. Veelal is dit coax kabel.
(de schone slaapster:-))
Coax kan ongeveer 100 Megabyte aan digitale gegevens per seconde transporteren. Niet uitgesloten
is dat u over een tijd niet meer via de telefoon het Internet opgaat, maar via de kabelaansluiting.
Hiervoor zal u een z.g. kabelmodem moeten aanschaffen, daartegenover staat dat de
telefoontikken zullen wegvallen. Internet zal goedkoper en sneller worden.
Ook wordt, als de wettelijke bepalingen t.a.v. tweewegverkeer zijn weggenomen,
telefonie over de kabel mogelijk. Kabel heeft overigens ook nadelen: het is een` serieel '
netwerk. Het kan betekenen dat u, als u dicht bij een verdeelkast zit wél een
`snelle ontvangst' hebt, maar iemand aan het eind van de straat niet meer.
Daarnaast gaat alles over de zélfde kabel, wat de beveiliging van informatie niet ten goede
komt. `Veilig informatie versturen over een publiek netwerk' is nog nooit
onkraakbaar gebleken.
Op dit moment zijn er reeds nieuwe modulatie technieken voor de huidige telefoondraden beschikbaar,
waardoor het mogelijk is om real-time (digitale) video door een telefoonlijn te transporteren,
met een doorvoer van 4.000.000 B/s. Die modems zijn er nu al, maar zijn naar schatting halverwege
1998 voor de consument beschikbaar. Het peperdure ISDN netwerk (64.000 b/s) kan dan
waarschijnlijk in de prullenbak nog voordat het massaal geintegreerd is.
Zoals het nu lijkt biedt de telecom-infrastructuur de meeste kans om uit te groeien tot de
nieuwe digitale snelweg, zeker als de snelheid exponentieel toeneemt en de prijs daalt door het
wegvallen van telecom-monopolies.
Wat satelliet-communicatie zal gaan doen is nog niet bekend of in te schatten.
Voorlopig is dat nog peperduur, aan de andere kant wordt er meer- en meer mobiel gecommuniceerd.
Analoge telefonie.
Analoge telefonie, zoals we die kennen van gewone huisaansluitingen en het NMT-netwerk,
zijn makkelijk kraakbaar of af te luisteren. Voor het afluisteren van kabels heeft een crimineel
amper meer nodig dan een schep, een apparaatje en een koptelefoon.
Het afluisteren van het NMT netwerk is al helemaal een lachertje: voor een paar honderd gulden
koop je een scanner waarmee je honderden gesprekken kunt afluisteren. Veelal weten
mensen dit niet eens, maar vertrouwelijke gesprekken over het analoge mobiele netwerk zijn
door Jan en alleman af te luisteren. Dit gebeurt dan ook veel.
Data(communicatie).
Nog nooit is een systeem onkraakbaar gebleken. Met betrekking tot privacy en de ontwikkeling
van het Internet zijn er tegenstrijdige behoeftes: een onkraakbaar versleutelingssysteem
waarmee mensen elkaar vertrouwelijk email kunnen zenden, aan de andere kant wil de
overheid `gesprekken' ook kunnen `afluisteren'. Op dit moment bestaat er een redelijk
betrouwbaar versleutelings programma: PGP, wat staat voor Pretty Good Privacy.
Hiermee kan men mail coderen, en de ontvanger het bericht, met behulp van een persoonlijke `sleutel'
het bericht weer de-coderen. In hoeverre criminele organisaties gebruik maken van deze wijze van
communicatie is niet bekend. Maar dat `versleuteld' communiceren voor criminelen interessant
is mag duidelijk zijn.
Verder is er met betrekking tot `veiligheid' nog ontzettend veel te zeggen. Neem alleen maar het feit dat iemand zich op Internet als een ander kan voordoen en dat vertrouwelijk informatie ALTIJD afgetapt kan worden. Of die informatie door de aftapper ook te lezen is, is - of wordt een ander verhaal, maar de gevolgen kunnen desastreus zijn voor een bedrijf of persoon. Het hangt er van af wat de aftapper doet- of kan doen met de illegaal verkregen informatie.
Een van de grootste problemen van de komende informatie-maatschappij is het achterop raken van de maatschappelijke onderklasse. Een tweedeling kan het gevolg zijn; zij die wel over informatie beschikken (have's), en zij die niet over informatie beschikken( have not's). Over een tijd zal het kunnen omgaan met computers net zo belangrijk zijn als het kunnen lezen en schrijven. De regering zal haar best moeten doen om computer-analfabetisme te voorkomen door de juiste scholing te bieden, maar ook de grote onderklasse zelf zal het marktvoordeel moeten inzien van het kunnen omgaan met computers. Gebruikersgemak is daarom niet alleen een technologische kwestie, maar ook een morele en sociale.
Ook vallen met Internet geografische grenzen weg. Internet is met name een
communicatie netwerk en omdat het wereldwijd is kunt u gelijkgestemden vinden
over de hele wereld en vrienden maken. Internet verbindt geen computers maar mensen.
Misschien verarmt uw contact met de buurman, maar komen daar nieuwe vrienden voor in de
plaats die tienduizend kilometer verderop wonen...
Inmiddels zijn er al mensen getrouwd die elkaar hadden ontmoet via het Internet (IRC),
maar die elkaar nog nooit hadden gezien...
Al met al zijn dit nogal ingrijpende veranderingen die voor iedereen een zeker leerproces vergen.
Zelfs Jules Verne heeft deze vorm van revolutie niet voorzien...
U doet nu vaak zaken in uw eigen omgeving, omdat u geen idee heeft waar het
mogelijk elders te koop is. Het Internet biedt de mogelijkheid om waar dan ook te shoppen, en
het thuis te laten bezorgen. Dit kan in de nabije toekomst verstrekkende gevolgen hebben voor
lokale productaanbieders. (zowel kansen als bedreigingen)
Dienstverleners kunnen vanuit een zolderkamer een mondiaal opererend
bedrijf starten. Met name als er betrouwbaar kan worden betaald of afgerekend via het Internet,
wordt een massale 'booming' verwacht.
